Na de Russische invasie van Oekraïne op 24 februari 2022 kregen Oekraïense ontheemden bescherming onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming (RTB) van de Europese Unie. De verantwoordelijkheid voor hun opvang kwam grotendeels bij gemeenten te liggen, zonder dat er aanvankelijk een nationale langetermijnstrategie bestond. Hierdoor konden gemeenten moeilijk plannen maken en investeringen doen, terwijl ontheemden onzeker bleven over hun toekomst. Op 1 juli 2024 verbleven ruim 115.000 van de in totaal circa 157.000 Oekraïense vluchtelingen die sinds februari 2022 naar Nederland kwamen nog hier. Eind 2023 woonde ongeveer twee derde van hen in een gemeentelijke opvanglocatie voor ontheemden.

Nieuwe langetermijnplannen

Het Rijk heeft inmiddels een duidelijkere toekomstvisie geformuleerd. Hierbij ligt het accent op het stimuleren van vrijwillige terugkeer, het onderzoeken van mogelijkheden voor verlengd legaal verblijf en het bieden van een perspectief aan gemeenten en samenleving dat verder reikt dan de jaarlijkse verlenging van de RTB.

Een belangrijk onderdeel van deze koers is de ontwikkeling van doelgroepflexibele opvang. Deze nieuwe aanpak vervangt de huidige bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne en maakt het mogelijk gemeentelijke opvanglocaties te financieren ongeacht wie er verblijft: Oekraïense ontheemden, statushouders in doorstroomlocaties of asielzoekers. Dat biedt gemeenten meer vrijheid om in te spelen op actuele behoeften. Op termijn kunnen deze opvangplekken zelfs worden omgezet naar reguliere woningen, wat investeringen rendabeler maakt en de inzet van locaties verlengt.

Daarnaast loopt in maart 2027 de RTB af. Volgens de nieuwe plannen ontvangen Oekraïense ontheemden dan een transitiedocument: een tijdelijke reguliere verblijfsvergunning voor drie jaar, waarmee zij zich kunnen voorbereiden op terugkeer naar Oekraïne. Het kabinet wil in deze periode ook het voorzieningenniveau ‘normaliseren’. Dat houdt in dat ontheemden actief moeten kunnen deelnemen aan de samenleving via arbeidsparticipatie en onderwijs. De invulling hiervan wordt momenteel samen met gemeenten verkend, om voor de voorjaarsbesluitvorming van 2026 de Tweede Kamer hierover te kunnen informeren.

Opluchting en zorgen

De eerste reacties op het langetermijnbeleid zijn overwegend positief. Gemeenten en betrokken organisaties ervaren opluchting vanwege de duidelijkere richting en het geboden perspectief. Tegelijkertijd zijn er zorgen over de kwaliteit van de opvang, die niet overal op hetzelfde niveau ligt. Er is behoefte aan structurele financiële ondersteuning zodat gemeenten overal een gelijke kwaliteit kunnen garanderen. De uitrol van de doelgroepflexibele opvang wordt gezien als een belangrijke kans, maar roept ook praktische vragen op. Daarnaast is nog onduidelijk hoe de ‘normalisatie’ van het voorzieningenniveau concreet zal worden vormgegeven.

Komende jaren bepalend

De opvang van Oekraïense ontheemden in Nederland heeft zich sinds 2022 ontwikkeld van een noodmaatregel naar een steeds structureler beleidssysteem. De komende jaren zijn bepalend voor hoe de overgang naar een duurzaam opvangsysteem wordt vormgegeven en hoe deze Oekraïners hun plek in Nederland vinden, voor korte of langere tijd. Sowieso moet de uitwerking nog bepaald en besproken worden in de voorjaarsbesluitvorming van 2026 en zeker door het nieuwe kabinet. Een andere politieke wind kan de koers nog bepalen, maar te hopen is dat er voor Oekraïense ontheemden en gemeenten een duidelijk toekomstpad ontstaat.

Over de auteurs

  • Julia van Neerrijnen

    Als adviseur bij Berenschot biedt Julia van Neerrijnen feitelijk onderbouwd advies, gesteund door haar academische achtergrond, waaronder een studie aan de Universiteit van Oxford. "Met oog voor detail en maatschappelijke betrokkenheid lever ik waardevolle inzichten en oplossingen voor complexe uitdagingen binnen het sociaal domein en de asielketen. Denk hierbij aan integratie, participatie, onderwijs en huisvestingsvraagstukken. Ik ben gedreven om oplossingen te vinden voor uitdagingen op overheids- en beleidsgebied, waarbij ik systemen optimaliseer om processen efficiënter te maken. Zo draag ik bij aan een samenleving waarin iedereen de aandacht en ondersteuning krijgt die hij of zij nodig heeft.

Gerelateerd nieuws

PONT-gesprek: “Preventie kan veel zorgkosten voorkomen, maar wie betaalt de investering?”

De druk op de zorg loopt snel op en schept zorgen voor de toekomst. In het eerste deel van de reeks PONT-gesprekken gaan Herm Kuipers (concerndirecteur sociaal domein bij de gemeente Arnhem) en Stanleyson Hato (Invest-NL) in op een vraag die steeds urgenter wordt: hoe kan de zorg en ondersteuning van kwetsbare inwoners nu en in de toekomst werkelijk gewaarborgd worden?

PONT-gesprek: “Bouw een stad waar je in 2030 én 2040 trots op kunt zijn”

Gezond stedelijk leven voor iedereen – hoe realiseer je dat? Een vraag die bij Ronald Venderbosch in goede handen is. Na een lange carrière met bestuurlijke en leidinggevende functies binnen de publieke sector is hij nu concerndirecteur bij de Gemeente Utrecht met precies deze opdracht. In gesprek met PONT geeft Venderbosch zijn visie op de uitdagingen én mogelijke oplossingen. “Bouwdrift en woonkwaliteit zijn een continu spanningsveld.”

College oordeelt: geen leeftijdsdiscriminatie bij keuze voor spreidingstermijn van tien jaar in nieuw pensioenstelsel

ABN AMRO en het pensioenfonds van de bank maken geen verboden onderscheid op grond van leeftijd door bij de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel een spreidingstermijn van tien jaar toe te passen. Dat oordeelt het College voor de Rechten van de Mens.

Werk voor statushouders en Oekraïense ontheemden: ‘Mensen wíllen bijdragen, laten we zorgen voor perspectief’

De weg naar werk is voor statushouders en Oekraïense ontheemden geen strak aangeveegd paadje. Ze willen wel werken, maar vinden niet altijd een baan. Of ver onder hun niveau. Of pas na zo lang wachten, dat hun motivatie flink is gedaald. In een verkort adviestraject verkent de SER mogelijke oplossingen. ‘Werken helpt om als mens tot je recht te komen.’