Transporttarief wordt gebaseerd op contract, niet op het gebruik
Wie extra ruimte op het elektriciteitsnet reserveert, betaalt daar ook voor als die capaciteit nog niet wordt gebruikt. Dat bevestigt het College van Beroep voor het bedrijfsleven in een recente uitspraak. Wat betekent dat voor bedrijven die vooruitdenken in tijden van netcongestie?
17 June 2026
Blog
Blog
CBb oordeelt in beroep over tarieven voor gecontracteerd transportvermogen elektriciteit.
Partijen die een geschil hebben met de netbeheerder over de wijze waarop deze zijn taken en bevoegdheden op grond van de Elektriciteitswet 1998 (of de opvolger daarvan, de Energiewet) uitoefent, kunnen een geschil voorleggen aan de Autoriteit Consument en Markt (ACM).
Partijen kunnen tegen dit geschilbesluit in beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) indien zij het oneens zijn met het oordeel van de ACM. In dit blogbericht bespreken wij zo’n uitspraak van het CBb.
De zaak Vogelweg tegen Liander
Vogelweg HV Station B.V. (“Vogelweg”) is de beheerder van een gesloten distributiesysteem (“GDS”) waarop meerdere windparken zijn aangesloten. Dit GDS is aangesloten op het hoogspanningsnet, dat in eigendom van Liander N.V. (“Liander”) is. Vogelweg en Liander hebben een aansluit- en transportovereenkomst (“ATO”) gesloten. Vogelweg verzoekt om verhoging van het gecontracteerd transportvermogen voor afname. Daarbij vermeldt Vogelweg dat zij deze extra transportcapaciteit pas nodig heeft vanaf mei 2024 in verband met de ingebruikname van batterijen. Al vanaf 1 januari 2023 wordt de afnamecapaciteit verhoogd van 10 MW naar 95 MW.
Op grond van de aangepaste ATO wordt het transporttarief voor Vogelweg al vanaf 1 januari 2023 berekend op basis van de verhoogde afnamecapaciteit. Pas vanaf mei 2024 maakt Vogelweg daar daadwerkelijk gebruik van.
In deze zaak staat de vraag centraal of het transporttarief moet worden berekend op basis van het gecontracteerde transportvermogen of het daadwerkelijk door Vogelweg gebruikte transportvermogen.
Uitspraak CBb
Het CBb oordeelt – in lijn met de ACM – dat het transporttarief wordt berekend op basis van het gecontracteerde transportvermogen. De wijze waarop het transporttarief wordt berekend was destijds geregeld in Tarievencode elektriciteit (“Tarievencode”).
De relevante bepaling van de Tarievencode is volgens het CBb duidelijk. Voor de berekening van het transporttarief gelden twee tariefdragers: de kWgecontracteerd en de kWmax. De Tarievencode biedt geen grondslag voor de uitleg van Vogelweg dat de tariefdrager kWgecontracteerd gelijkstaat aan het daadwerkelijk gebruikte vermogen en dus kan afwijken van het in de ATO overeengekomen gecontracteerde vermogen.
Dit oordeel sluit aan bij het doel van het transporttarief. Het transporttarief is namelijk bedoeld om de kosten te dekken van de infrastructuur die de netbeheerder beheert. Omdat het elektriciteitsnet altijd klaar moet staan om de maximaal afgesproken capaciteit te leveren – ook als die niet wordt gebruikt – moet de netbeheerder kosten maken om het net op dit transportvermogen in te richten en capaciteit vrij te houden. Deze infrastructuur en gereserveerde ruimte brengen kosten met zich, ongeacht het daadwerkelijke gebruik.
Het CBb concludeert ook dat Liander het non-discriminatiebeginsel niet heeft geschonden. Vogelweg voerde aan dat een andere aanvrager, die om een aansluiting en transportvermogen had verzocht, geen transporttarief hoefde te betalen. Volgens het CBb is echter geen sprake van gelijke gevallen, omdat deze derde nog geen aansluiting had. Het hebben van een aansluiting is op grond van de wet een noodzakelijke voorwaarde om een transporttarief in rekening te kunnen brengen. Vogelweg beschikte al over een aansluiting waarop elektriciteit werd afgenomen, waardoor het transporttarief wél in rekening kon worden gebracht.
Conclusie
Het is verstandig om tijdig extra gecontracteerd transportvermogen aan te vragen, gelet op wachttijden en netcongestie. Houd er echter rekening mee dat aan de toewijzing direct kosten zijn verbonden als je al beschikt over een aansluiting. Gecontracteerd transportvermogen is vanzelfsprekend niet gratis.


