Uit het onderzoek komt naar voren dat zowel burgers als beleidsmakers het belangrijk vinden dat mensen autonoom zijn in hun keuzes over sport en beweging. Mensen moeten dus vrij zijn om te kiezen. Tegelijkertijd delen zij het ook beeld dat er een verschil is tussen wat mensen willen en wat ze uiteindelijk doen en dat het voor mensen veel uitmaakt of andere mensen in hun omgeving veel bewegen en je dat samen kan doen.

Het autonome mensbeeld weegt zwaar in de voorkeuren voor beleid: de overheid wordt vooral een faciliterende rol toebedeeld, die vooral niet ‘betuttelend’ of dwingend moet zijn. Dat burgers deze voorkeur delen is positief voor de herkenbaarheid van het sport- en beweegbeleid. Tegelijkertijd schuilt er een risico in dit gedeelde mensbeeld. Deze consensus heeft er tot nu toe niet toe geleidt dat mensen voldoende zijn gaan bewegen en kan er voor zorgen dat beleidsoplossingen die op gespannen voet staan met het autonome mensbeeld worden gemist.

Welke opties heeft de overheid binnen het sport- en beweegbeleid?

De overheid kan allereerst mogelijkheden zoeken binnen het dominante mensbeeld, waarbij het beleid wordt versterkt met kleine stappen die op draagvlak kunnen rekenen, bijvoorbeeld door het actief maar vrijblijvend stimuleren van bewegen en/of sporten op het werk, of bewegen een grotere rol te laten spelen in het onderwijs.

Ook kan het onderliggende mensbeeld kan ter discussie worden gesteld. Want het blijkt voor veel mensen niet eenvoudig uit zichzelf voldoende te gaan bewegen, ook als ze dit zelf willen. Dat zou betekenen daadkrachtiger beleid te voeren, met het risico dat mensen dit betuttelend zullen vinden.

Aan een dominant mensbeeld is moeilijk te ontkomen zonder het bewust onder ogen te zien en in andere oplossingsrichtingen te denken. Dat geldt niet alleen voor sport- en beweegbeleid, maar ook voor andere vraagstukken waar het idee van een terughoudende, maar faciliterende overheid en een autonome en verantwoordelijke burger een grote rol speelt.

Voor meer verdieping PONT | Zorg & Sociaal , opent in nieuw tabblad

Gerelateerd nieuws

AI is niet meer weg te denken, maar tegen welke prijs?

Kunstmatige intelligentie (AI) heeft in recordtempo de sprong gemaakt van technologische belofte naar alledaags hulpmiddel. Op kantoor, in de klas, bij de overheid en ja, ook in de journalistiek is AI inmiddels een vast onderdeel van het werkproces. Wie in 2026 nog denkt dat het een speeltje is voor techbedrijven, hoeft alleen maar een willekeurig gemeentehuis binnen te lopen. Nederlandse ambtenaren gebruiken steeds vaker AI-toepassingen bij hun werk, meldde de Volkskrant onlangs. Vooral bij gemeenten is het gebruik sterk toegenomen.

Woningbouw mag niet stranden door een vol elektriciteitsnet

De recente waarschuwing van TenneT over een mogelijke aansluitstop onderstreept de ernst van de netcongestie. NEPROM deelt de urgentie om snel tot oplossingen te komen.

Omgeving

Gezondheidsrisico’s PFAS raken mensenrechten, maar de Nederlandse Staat doet volgens de rechtbank voldoende

De rechtbank Den Haag oordeelde op 11 februari dat de Nederlandse Staat op dit moment voldoende doet om de verspreiding van PFAS tegen te gaan en om maatregelen te treffen tegen de risico’s van PFAS die al in het milieu aanwezig zijn. De rechtbank benadrukt dat gebruik en verspreiding van PFAS gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Het College legt hier uit wat de rechtbank oordeelde, wat PFAS met mensenrechten te maken heeft en wat een mensenrechtelijke benadering van PFAS-beleid inhoudt.

Vier jaar water en bodem sturend: hoe ziet de praktijk eruit?

Vier jaar geleden koos het toenmalige kabinet ervoor water en bodem sturend te maken bij ruimtelijke keuzes. Hoe is die ambitie geland in de praktijk? Twee onderzoekers van de Rotterdam School of Management namen zeven bouwprojecten onder de loep.