'Geef gedragskennis een stevigere positie'

Als het ‘Den Haag’ werkelijk menens is met het benutten van gedragswetenschappelijke deskundigheid, is een minder vrijblijvende aanpak nodig. Dan moet deze deskundigheid een vaste plek aan tafel krijgen bij de belangrijkste beleidsprocessen. Ook moet worden gezocht naar wegen om meer gedragswetenschappelijke capaciteit te organiseren. Er bestaat op dit moment een forse spanning tussen de soms torenhoge ambities enerzijds en de zeer bescheiden middelen anderzijds.

Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid 20 August 2025

Nieuws-persbericht

Nieuws-persbericht

Dat schrijft Will Tiemeijer, onderzoeker bij de WRR, in de Verkenning Tien jaar na ‘Metkennis van gedrag beleid maken’ hoe nu verder? Deze verkenning vormt onderdeel van het WRR-project over de deskundige overheid.

Van meet af aan betrekken

Gedragswetenschappelijke deskundigheid is niet alleen van belang in de fase van de uitvoering, maar zeker ook in de fase van de beleidsvorming. Als de politiek wetgeving maakt die geen rekening houdt met de menselijke psychologie, valt daar in de uitvoering meestal weinig aan te repareren, en kan het beleid gemakkelijk mislukken. Het is daarom belangrijk dat gedragswetenschappelijke expertise van meet of aan wordt ingeschakeld bij de beleidsvorming. De Verkenning doet hiervoor een aantal concrete aanbevelingen.

Ook is een oplossing nodig voor de huidige geringe gedragswetenschappelijke capaciteit. Een mogelijkheid is wellicht het oprichten van een expertisepunt tussen de departementen in. Dit expertisepunt heeft enerzijds tot doel om departementale gedragsdeskundigen inhoudelijk te ondersteunen, eventueel met tijdelijke detacheringen, en heeft anderzijds een shared services-karakter, bijvoorbeeld op gebied van onderzoek en opleiding. Het kan een belangrijke aanvulling vormen op de departementale gedragskundige capaciteit.

Verdere verbreding van de professie

Gedragsdeskundigen bij de overheid zullen zich (nog verder) moeten ontwikkelen tot ambtelijk adviseur: iemand die in staat is om op de juiste plaatsen en op de juiste momenten de beleidsvorming verder te helpen door het gedragswetenschappelijk perspectief effectief en overtuigend in te brengen. Het is daarom raadzaam als gedragsdeskundigen bij de overheid:

hun kennisbasis breder definiëren dan alleen inzichten op het gebied van concreet keuzegedrag. De schatkamer van de gedragswetenschap biedt zoveel meer;

meer aandacht besteden aan de rol van de omgeving. Het gaat niet alleen om sociale normen, ook andere omgevingsfactoren kunnen een rol spelen;

waken voor een al te rigide omgang met bewijsvoering en methodologie. RCT’s zijn niet zaligmakend, terwijl kwalitatief onderzoek juist meer waardering verdient;

waar mogelijk samenwerken met geestverwanten, zoals professionals op het gebeid van communicatie en design thinking. Zij vormen ‘natuurlijke bondgenoten’.

Rapport Deskundige overheid

dit rapport

Artikel delen