Dit staat beschreven in de Toekomstvisie Cyberweerbaarheidsnetwerk (1) van de NCTV.

Basis voor de toekomstvisie

Om tot de toekomstvisie te komen was het noodzakelijk eerst een aantal beleidskeuzes te maken. Deze keuzes zijn gebaseerd op een evaluatie van het huidige stelsel, beschikbare documenten en gesprekken met de stelselpartners.

Thema’s voor doorontwikkeling

De doorontwikkeling van het stelsel richt zich op 7 thema’s:

  1. Netwerk: voor een breder bereik is intensieve samenwerking met diverse publieke en private organisaties nodig.

  2. Tijdlijn: er moet meer samenwerking plaatsvinden tijdens incidenten. Vanaf de eerste dreiging tot en met de evaluatie en de herstelperiode.

  3. Functies: de hoofdfunctie van informatiedeling verandert door de NIS2-richtlijn (2). Daarnaast is er behoefte aan 4 extra functies te weten: incidentafhandeling, doelwit- en slachtoffernotificatie,  opleiden, trainen & oefenen, en kennisdeling.

  4. Duidelijkheid over deelname: het moet duidelijker worden wat de reikwijdte is van het vernieuwde stelsel en de randvoorwaarden voor deelname.

  5. Regie en coördinatie: er komt een duidelijke  regie en governance rondom het vernieuwde LDS.

  6. Consolidatie: het samenbrengen van publiek-private samenwerkingsinitiatieven onder de paraplu van het nieuwe stelsel is noodzakelijk voor een efficiëntere werking.

  7. Naamgeving: er komt een nieuwe naam die de lading van het stelsel goed dekt. De huidige naam ‘Landelijk Dekkend Stelsel’ wordt gewijzigd naar ‘Cyberweerbaarheidsnetwerk’.

  8. Vervolgstappen

    Het NCSC en DTC maken een plan om het Cyberweerbaarheidsnetwerk verder te ontwikkelen. Goed lopende onderdelen van het LDS blijven voortbestaan en waar nodig verder gestimuleerd. Regelmatig evalueren de verschillende partijen de voortgang.

    Met de introductie van het Cyberweerbaarheidsnetwerk zet Nederland een belangrijke stap richting een digitaal veiligere samenleving, waarin publieke en private organisaties samenwerken aan het verhogen van de weerbaarheid.

    (1) https://www.nctv.nl/documenten/publicaties/2024/05/23/toekomstvisie-cyberweerbaarheidsnetwerk

    (2) https://www.digitaleoverheid.nl/overzicht-van-alle-onderwerpen/nis2-richtlijn/

Gerelateerd nieuws

AI is niet meer weg te denken, maar tegen welke prijs?

Kunstmatige intelligentie (AI) heeft in recordtempo de sprong gemaakt van technologische belofte naar alledaags hulpmiddel. Op kantoor, in de klas, bij de overheid en ja, ook in de journalistiek is AI inmiddels een vast onderdeel van het werkproces. Wie in 2026 nog denkt dat het een speeltje is voor techbedrijven, hoeft alleen maar een willekeurig gemeentehuis binnen te lopen. Nederlandse ambtenaren gebruiken steeds vaker AI-toepassingen bij hun werk, meldde de Volkskrant onlangs. Vooral bij gemeenten is het gebruik sterk toegenomen.

Controleren van je werknemers

Het komt vaak voor dat werkgevers vermoedens hebben van ongewenst gedrag bij werknemers, zoals diefstal bij cliënten, mishandeling, onrechtmatig delen van foto’s of structureel onvoldoende functioneren (vooral bij thuiswerken). Ingrijpen kan noodzakelijk lijken, maar het ontbreken van bewijs schept juridische risico’s.

De AP in 2026: focus op massasurveillance, AI en digitale weerbaarheid

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) stelt drie prioriteiten centraal voor de periode 2026-2028: massasurveillance, artificiële intelligentie (AI) en digitale weerbaarheid. Met deze prioriteiten wil de AP mensen nog beter beschermen in een verder digitaliserende wereld. Het jaarplan 2026 beschrijft welke stappen de AP dit jaar gaat zetten binnen deze prioriteiten.

Vitale infrastructuur op Amerikaanse servers: Solvinity en de grenzen van Nederlandse digitale autonomie

De mogelijke overname van de Nederlandse IT‑dienstverlener Solvinity door de Amerikaanse gigant Kyndryl zorgt voor grote onrust in de politiek en bij toezichthouders. Tijdens een rondetafelgesprek in de Tweede Kamer op 27 januari 2026 waarschuwden experts en belangenorganisaties dat de continuïteit van vitale digitale processen, waaronder DigiD, in gevaar komt door een te grote afhankelijkheid van buitenlandse spelers. De discussie raakt de kern van de Nederlandse digitale soevereiniteit: wie heeft feitelijk de regie over de infrastructuur waar burgers en overheid dagelijks op vertrouwen?