Kinderen in een onveilige thuissituatie hebben een grotere kans op ontwikkelingsproblemen, zoals internaliserende problematiek (bijvoorbeeld angst of depressie), externaliserende problematiek (zoals agressie), of post-traumatische stress symptomen (PTSS). Scholen worden in de praktijk weinig betrokken in het tegengaan van deze problematiek bij kinderen die huiselijk geweld meemaken. Dat terwijl school de plek is waar kinderen de meeste tijd doorbrengen, naast thuis. Afgelopen jaren heb ik voor mijn promotieonderzoek de rol van het welbevinden op school onderzocht bij kinderen die huiselijk geweld meemaken. Dit promotieonderzoek was onderdeel van de derde landelijke cohortstudie huiselijk geweld en kindermishandeling die het Verwey-Jonker Instituut uitvoerde in opdracht van ZonMw en centrumgemeenten in dertien Veilig Thuis-regio’s.

Je goed voelen op school is belangrijk voor álle kinderen, maar zeker voor kinderen die thuis onveiligheid ervaren. Uit mijn onderzoek blijkt dat kinderen die huiselijk geweld meemaken, een lager welbevinden op school ervaren dan hun leeftijdsgenoten. Ze voelen zich minder verbonden met de school, hebben vaker een moeizame relatie met hun leraar en voelen zich minder prettig in de omgang met klasgenoten. Dit lagere welbevinden hangt samen met meer psychosociale problemen en PTSS-klachten. Opvallend is dat de frequentie van het geweld bepalend is voor het welbevinden op school of de mate van ontwikkelingsproblemen: elk kind dat huiselijk geweld meemaakt, loopt risico, ongeacht hoe vaak het geweld voorkomt.

Aandacht voor de hele familie

Zowel de gehechtheidstheorie (ouder-kind relaties) als de emotionele veiligheidstheorie (gevoel van angst en onzekerheid over de gezinsdynamiek) verklaren waarom huiselijk geweld leidt tot ontwikkelingsproblemen. Kinderen die huiselijk geweld meemaken, hebben vaker een onveilige gehechtheid met hun ouders en voelen zich emotioneel onveiliger. Dit verhoogt het risico op psychosociale problemen en PTSS-klachten. De emotionele veiligheid lijkt belangrijker voor kinderen dan een veilige gehechtheid. Het is dan ook belangrijk om bij de aanpak van huiselijk geweld en bij het tegengaan van ontwikkelingsproblemen bij kinderen te kijken vanuit het perspectief van het gezin.

Emotionele onveiligheid en welbevinden op school hangen allebei, los van elkaar, samen met ontwikkelingsproblemen bij kinderen die huiselijk geweld meemaken. Het welbevinden op school lijkt dus geen buffer tegen deze problemen. Maar het welbevinden op school is op zichzelf wel belangrijk voor ontwikkelingsproblemen bij een kind. Er is dus zowel aandacht nodig voor de emotionele veiligheid van kinderen, als voor het welbevinden op school.

School en thuis niet los van elkaar

Op 6 maart 2025 verdedigde ik mijn proefschrift “Vergeet de school niet: Inzicht krijgen in de gevolgen van huiselijk geweld op kinderen via hun welbevinden op school”. Uit mijn proefschrift blijkt duidelijk dat de schoolomgeving en de thuisomgeving  niet los van elkaar kunnen worden gezien. Beide contexten beïnvloeden de ontwikkeling van een kind; en de contexten en het kind beïnvloeden elkaar. Door samen te werken en oog te hebben voor alle omgevingen waarin een kind zich beweegt, kunnen we kinderen die huiselijk geweld meemaken, beter ondersteunen.

Gerelateerd nieuws

Hoe kan Nederland het beste bijdragen aan de Europese defensiedoelen?

Nederland geeft de komende jaren flink meer geld uit aan defensie. Dat is nodig om onze veiligheid te versterken én om te voldoen aan de nieuwe NAVO afspraak. Wat zijn de economische gevolgen? En welke keuzes van Nederland bepalen die?

Extreme regen vraagt om meer bewustzijn en maatregelen tegen onveiligheid

Nederland moet zich beter voorbereiden op de onveiligheid die ontstaat door extreme regen. Door klimaatverandering valt er vaker, meer en langduriger regen. Hierdoor ontstaat een serieus veiligheidsvraagstuk: extreme regen kan de veiligheid van de woon- en leefomgeving aantasten, fysieke en mentale gezondheidsklachten veroorzaken en zelfs maatschappelijke ontwrichting tot gevolg hebben wanneer vitale infrastructuur uitvalt en belangrijke voorzieningen als ziekenhuizen onbereikbaar worden.

Cyberwet werkt in de rechtszaal, maar niet in de opsporing

De Wet Computercriminaliteit III (Wet CCIII), die op 1 maart 2019 in werking trad, heeft de mogelijkheden voor de opsporing en vervolging van digitale criminaliteit aanzienlijk verbreed. Uit een omvangrijke evaluatie van het WODC (wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum) blijkt dat de nieuwe strafbaarstellingen en bevoegdheden in de praktijk veelvuldig worden benut, maar dat beperkte opsporingscapaciteit en internationale componenten de volledige potentie van de wet remmen.

VNO-NCW en MKB-Nederland kritisch op heropening UBO-register: privacy en veiligheid onvoldoende beschermd

Werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland uiten stevige kritiek op het ontwerpbesluit waarmee het kabinet de toegang tot het UBO-register opnieuw wil openstellen voor personen en organisaties met een zogenoemd 'legitiem belang'. Volgens de organisaties schiet het voorstel tekort op het gebied van privacybescherming, rechtszekerheid en handhaafbaarheid, terwijl het wél vergaande toegang biedt tot zeer gevoelige persoonsgegevens.