‘Geweld tegen vrouwen ís gendergerelateerd’

In haar werk als beleidsadviseur ziet Ineke Boerefijn dagelijks hoe diep maatschappelijke opvattingen doorwerken. “De onderliggende oorzaken van geweld tegen vrouwen en meisjes liggen in maatschappelijke ongelijkheden. Traditionele ideeën over hoe vrouwen en mannen zich ‘horen’ te gedragen spelen een rol. Vrouwen die buiten die lijntjes kleuren, denk aan vrouwelijke politici die online worden uitgescholden, krijgen vaker te maken met bedreigingen en geweld. Dat is gendergerelateerd geweld.”

Volgens Boerefijn zijn de signalen in veel relaties aanvankelijk subtiel. “Een relatie begint soms met veel aandacht en bevestiging, maar dat kan omslaan in controlerend gedrag: altijd moeten uitleggen waar je bent, wie je ziet, of voortdurend worden gevolgd via je telefoon. Dat zijn ernstige signalen die vaak worden gemist, terwijl ze iemands vrijheid al sterk kunnen inperken.”

‘Niet alleen de dader of het slachtoffer, ook de toeschouwer telt’

Voor Rick Lawson, voorzitter van het College, raakt het thema een fundamentele morele snaar. Hij verwijst naar een uitspraak van een Israëlische Holocaustonderzoeker, Yehuda Bauer: ‘Gij zult geen dader zijn, geen slachtoffer zijn, maar gij zult ook geen toeschouwer zijn.’

“Dat is een krachtige les,” zegt Lawson. “Bij geweld tegen vrouwen ligt de primaire verantwoordelijkheid natuurlijk bij de dader. Maar een samenleving die wegkijkt, laat geweld bestaan. Het is een appèl aan ons allemaal: spreek je uit, grijp in, normaliseer niet wat onacceptabel is. Geweld tegen vrouwen raakt ons allemaal.”

De rol en verantwoordelijkheid van de overheid

Dat morele appèl is niet vrijblijvend. “Wanneer de overheid weet, of had moeten weten, dat iemand risico loopt op geweld, moet zij ingrijpen: beschermen, zorgen voor opvang, deskundigheid bij politie en hulpverlening organiseren. Dat is geen gunst, maar een juridische plicht”, benadrukt Lawson.

Het nieuwe rapport van GREVIO

Boerefijn legt uit dat GREVIO daarbij een belangrijke rol speelt. GREVIO (Group of Experts on Action against Violence against Women and Domestic Violence) is een groep onafhankelijke experts die toezicht houdt op de uitvoering van het Verdrag van Istanbul. Dat verdrag, sinds 2016 van kracht in Nederland, verplicht landen om geweld tegen vrouwen en meisjes te voorkomen, slachtoffers te beschermen, daders te vervolgen en ongelijkheid terug te dringen.

Onlangs publiceerde GREVIO een nieuwe evaluatie van het Nederlandse beleid. Boerefijn: “Die rapportages zijn meer dan waarschuwingen. Het zijn analyses die laten zien waar het beleid goed gaat en waar we achterblijven. Na de eerste evaluatie heeft Nederland belangrijke stappen gezet: meer aandacht voor gender, wetswijzigingen rond seksueel geweld, erkenning van femicide als specifiek probleem. Maar de coördinatie tussen ministeries, en tussen rijk en gemeenten, blijft echt onvoldoende. Zonder stevige regie blijft de aanpak versnipperd.”

Waar het College verschil kan maken

Volgens Lawson ligt juist daar een taak voor het College. “We kunnen juridische duiding geven, laten zien hoe beleid zich verhoudt tot mensenrechtennormen. We bieden een fundament waar organisaties uit de praktijk op kunnen steunen.” Boerefijn vult aan: “En we blijven hameren op wat nog nodig is: betere bescherming, betere monitoring, meer begrip van gender in beleid en uitvoering.”

Momenteel werkt Nederland aan de implementatie van een nieuwe EU-richtlijn over geweld tegen vrouwen. Volgens het College is dat een uitgelezen kans om het beleid te versterken en om aanbevelingen uit onder meer de GREVIO-evaluatie echt te verankeren.

Gerelateerd nieuws

Gemeentelijke fusie: kans of risico voor inwoners?

Gemeenten staan in toenemende mate voor complexe bestuurlijke opgaven. Beperkte financiële middelen en afnemende bestuurskracht maken dat kleinere gemeenten overwegen om de krachten te bundelen door te kiezen voor een ambtelijke of bestuurlijke fusie met omringende gemeenten. In deze blog hierover wat meer informatie! Handig voor de aankomende verkiezingen.

Omgeving

Ruimte voor energiegemeenschappen

Toen ik het coalitieakkoord las, moest ik onwillekeurig terugdenken aan de energiecrisis van een paar jaar geleden. De paniek, de onmacht, de rekeningen die door het dak gingen. We ontdekten toen pijnlijk hoe kwetsbaar we zijn als samenleving als energie volledig een marktproduct is, verhandeld aan de hoogste bieder. Wie geen buffer had, betaalde de prijs. Letterlijk.

Vertrouwen centraal stellen in de Participatiewet: hoe doe je dat?

Met de herziene Participatiewet moet vertrouwen in mensen met een bijstandsuitkering centraal staan in de dienstverlening van gemeenten. Vertrouwen vraagt alleen meer dan een herziene wet. Het vraagt om een fundamentele en verreikende herinrichting van de dienstverlening van veel gemeenten. Alleen zien we dat veel gemeenten worstelen met deze omslag. Senior onderzoeker bij Significant Public, Harnold van der Vegte, spreekt met gemeenten die hierin vooroplopen. Want hoe geef je vertrouwen nu echt vorm in de praktijk? En hoe zorg je dat het niet bij mooie woorden blijft, maar dat vertrouwen vanuit gemeenten ook écht voelbaar wordt voor inwoners?

Nederlandse governance in een Europa dat opnieuw moet leren concurreren

De vraag hoe Nederland de komende decennia welvarend en weerbaar blijft, kan niet los worden gezien van de koers van Europa. De rapporten-Wennink en -Draghi maken duidelijk dat concurrentiekracht geen vanzelfsprekendheid meer is, maar het resultaat van bewuste keuzes over investeringen, schaal en strategische autonomie. Dit essay van Hugo Reumkens (advocaat en partner bij Van Doorne) onderzoekt wat die realiteit betekent voor Nederlandse bestuurders en toezichthouders. Het laat zien hoe governance zelf een instrument van concurrentiekracht kan worden.