Nederland is nog steeds vrij ongesegregeerd in vergelijking met andere Europese landen, en arme Nederlanders met een Turkse, Marokkaanse of Syrische migratieachtergrond mengen meer met andere sociaaleconomische groepen.

Maar daar stoppen de positieve ontwikkelingen wel. Nederlanders ontmoetten de laatste tien jaar steeds minder vaak mensen met andere welvaartsniveaus, toont het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in het onderzoek ‘De leefwerelden van arm en rijk’. Zowel de armste als de rijkste inwoners van Nederland ontmoeten in de buurt, op het schoolplein, bij familie en op hun werk vooral mensen die net als zij veel of juist weinig welvaart hebben.

De toegenomen scheidingen zijn niet zonder gevolgen, zegt Lotte Vermeij, één van de auteurs van het onderzoek. “Sterker gescheiden leefwerelden kunnen bijdragen aan wij-zij-denken en vooroordelen, over bijvoorbeeld ‘de elite’ of mensen met minder maatschappelijk succes dan zijzelf. Zie dit rapport als signaal dat het de verkeerde kant op gaat. Blijf alert, laat mensen niet verder uit elkaar groeien.”

Ongelijkheid in wijk en gemeente

De segregatie van arm en rijk is niet overal even erg. Er is grote ruimtelijke diversiteit. In kwetsbare wijken vindt steeds sterkere concentratie van armere inwoners plaats, onder meer doordat onder meerdere kabinetten Rutte relatief weinig sociale huur werd gebouwd en het beperktere aantal betaalbare woningen minder toegankelijk werd voor hogere inkomens. Daarnaast trapte het Rijk een aantal jaren op de rem bij wijkaanpakken, wat concentraties van armere mensen verder stimuleerde.

Dan het gemeenteniveau: ook daar speelt de liberalisering van de woningmarkt een rol. Rijke Nederlanders die wonen in gemeenten als Bloemendaal, Heemstede en Laren hebben relatief vaak een eenzijdige leefwereld. Door fors stijgende woningprijzen werden dergelijke gemeenten minder toegankelijk voor lagere inkomens. Het aandeel sociale huur daalde de laatste jaren juist in veel rijkere gemeenten. Bloemendaal, Heemstede en Laren hebben alle drie een zeer kleine sociale huurvoorraad.

Meer sociale huur in rijkere gebieden

De woningmarkt is dus deel van het probleem, en daarmee ook van de oplossing. Vermeij benadrukt dat het tegengaan van regionale verschillen zeer complex is. “Maar een meer gelijkmatige verdeling van sociale huur lijkt me sowieso een goed idee.”

Het is een aanpak die inmiddels weer op de radar staat bij het Rijk. Met het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting wil BZK-minister Hugo de Jonge gemeenten met weinig sociale huur verplichten om daar meer van te bouwen. Ook de wijkaanpak is terug van weggeweest: met het nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid wordt in twintig focuswijken gewerkt aan de leefbaarheid, onder meer met meer menging van betaalbare en duurdere woningen.

Ook in rijkere gebieden liggen nog kansen. Wetenschappers van verschillende universiteiten bepleitten deze week nog dat er veel wordt gepraat over rijkere inwoners toevoegen aan arme wijken, maar amper over meer armere inwoners aan rijkere. Ook dat is essentieel, aldus de wetenschappers.

Vermeij: “Ik ben het zeker ermee eens dat dit net zo goed nodig is. Verder blijft gentrificatie van armere wijken een aandachtspunt. Enerzijds heb je het dan over buurverbetering, anderzijds voelen de oorspronkelijke bewoners soms dat zij worden weggedrukt. Je moet bestaande bewoners dus wel in het zadel houden.”

Over de auteurs

  • Kasper Baggerman

    Kasper Baggerman is Nieuwsredacteur Omgeving bij PONT | Omgeving. Hij is gespecialiseerd in de woningmarkt en leefbaarheid.

Gerelateerd nieuws

Waterschappen alert na recorddroge maand maart

Na een nat 2024 zijn de eerste signalen van droogte voor 2025 al vroeg zichtbaar. Februari en maart waren ongewoon droog en zonnig, de afvoeren van de Maas en de Rijn zijn laag, en de grondwaterstanden dalen. Lokaal zijn de eerste tekenen van verzilting en verhoogde concentraties blauwalg te zien. De situatie vraagt om verhoogde alertheid van de waterschappen.

Omgeving

Inpassing van de BOPA zonder risico?

Om een activiteit die in strijd is met de (beoordelings-)regels uit het omgevingsplan toch mogelijk te maken, kan onder de Omgevingswet gekozen worden voor een wijziging van het omgevingsplan of het verlenen van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (hierna: BOPA). In de praktijk wordt momenteel veelvuldig gekozen voor het verlenen van een BOPA in plaats van het wijzigen van het omgevingsplan. Dat komt omdat bij strijd met het omgevingsplan (veelal betreft het hier een strijdigheid met de oude bestemmingsplannen) de regels uit het tijdelijk deel niet kunnen worden gewijzigd; als een wijziging van de regels uit het tijdelijke deel nodig is, moeten alle regels voor de betrokken locatie opnieuw worden vastgesteld in het nieuwe deel van het omgevingsplan. Dat is niet altijd wenselijk. Gemeenten en initiatiefnemers moeten zich er echter van bewust zijn dat er ook een keerzijde is aan het werken met BOPA’s. De BOPA’s moeten namelijk (op den duur) worden ingepast in het omgevingsplan. Dat kan voor het bevoegd gezag niet alleen een behoorlijke exercitie zijn, maar ook betekenen dat de BOPA opnieuw tegen het licht wordt gehouden en tegen de inpassing van de BOPA in rechte door derden (weer) wordt opgekomen. Wanneer en hoe verleende BOPA’s moeten worden ingepast en wat de gevolgen van de inpassing kunnen zijn, lees je in dit blog.

Omgeving

Hoe maken we steden leefbaar in tijden van groei en ongelijkheid?

In de 21e eeuw zal twee derde van de wereldbevolking in steden leven. Globalisering, nieuwe technologieën, massamigratie en toenemende ongelijkheid – de stad van de toekomst is geen vanzelfsprekend succes. Hoe betrekken we kwetsbare groepen? Welke rol speelt slimme technologie in het besturen van een stad? En wat is er nodig wil een stad in de toekomst duurzaam en rechtvaardig kunnen zijn?

Visitaties maken duidelijk: aandacht voor leefbaarheid wijken blijft hard nodig

De eerste uitgave van het Trendbeeld van de Stichting Visitaties Woningcorporaties Nederland (SVWN) legt de vinger op de zere plek: in sommige sociale huurwijken komt de leefbaarheid in het gedrang. Dit blijkt uit de ruim 50 visitaties die in 2024 bij corporaties zijn gehouden. Duidelijk is dat versnelling van nieuwbouw, woningverbetering en verduurzaming voorop staan. Logisch, gelet op de grote woningnood, maar de lokale betrokkenen die voor visitaties werden geïnterviewd geven ook een duidelijke boodschap af: vergeet de leefbaarheid van wijken niet. Wouter Beekers van de SVWN adviseert: ‘Bekommer je om de wijken en hun bewoners. En werk beter samen op het gebied van wonen en welzijn.’

Omgeving