Dit zijn de opmerkelijke resultaten van modelberekeningen door promovendus Wolfram Simon. Hij doet zijn onderzoek bij de vakgroep Farming Systems Ecology van Wageningen University & Research. Een artikel over zijn onderzoek is vorige week verschenen in het gerenommeerde wetenschappelijk tijdschrift Nature Food.

Simon: “We combineren twee benaderingen: een circulaire landbouw (hergebruik van reststromen, voorkomen van afval) en de eiwittransitie (meer consumptie van plantaardig eiwit als vervanging van dierlijk eiwit). Daarbij hebben we de gezondheid van het eten laten meewegen. Als je bijvoorbeeld helemaal vegan zou eten, krijg je sneller tekorten aan vitamine B12, en omega 3-vetzuren. Dat moet je compenseren en dat heeft weer consequenties voor het voedselsysteem. Zo hebben we 18 scenario’s doorgerekend. Deze allesomvattende benadering is uniek. Het was niet eenvoudig; het grootste deel van mijn promotietijd heb ik besteed aan het bouwen van het rekenmodel.”

Optimale verhouding tussen dierlijk en plantaardig

Vaak wordt gedacht dat een overgang op een volledig plantaardig dieet het beste zou zijn voor de planeet. Maar uit Simons berekeningen blijkt dat dat niet per se zo is. Er is een bepaald optimum aan dierlijke consumptie, namelijk 40% dierlijk eiwit (in plaats van de huidige 60%). Dat heeft mede te maken met de voedingstoffen die dierlijke producten kunnen leveren. Beneden 18 gram dierlijk eiwit ontstaan tekorten. Die kunnen overigens wel opgevangen worden door supplementen te consumeren. Maar als je geen supplementen gebruikt, moeten het landgebruik en broeikasgasemissies weer omhoog ten opzichte van het optimum om de tekorten op te lossen.

“Bovendien zijn dieren recyclers in het systeem. Zij kunnen reststromen verwerken uit plantaardige productie”, vertelt Simon.

Een optimaal voedselsysteem ziet er heel anders uit dan de huidige landbouw. Er is dan een andere consumptie nodig. We eten nu bijvoorbeeld meer eiwit dan nodig (en gezond) is.

“Hoewel je wellicht zou verwachten dat terugdringen van de eiwitconsumptie veel effect zou hebben op de duurzaamheid, is dat toch niet zo. De grootste bijdrage komt van het consumeren van eiwitbronnen die een lagere impact op het milieu hebben en van het herontwerpen van de landbouwproductie. Bijvoorbeeld gewassen daar telen waar dat het meeste oplevert. Zoveel mogelijk voorkomen van organisch afval. Alle reststromen hergebruiken, als veevoer of als compost. Transport minimaliseren”, benoemt hij een aantal van de veranderingen.

Minder rund, meer kip

Hoewel met dezelfde hoeveelheid dierlijk eiwit al een drastisch duurzamere landbouw te bereiken is, verandert het menu op dit vlak dan wel. Meer kip en vis, minder rund, zuivel en eieren. Rundveehouderij kost namelijk veel grond en zorgt voor veel uitstoot van methaan, een broeikasgas. Verkleining van het aandeel van deze sector in de landbouw zorgt voor meer duurzaamheid. Vermindering van de dierlijke consumptie levert zeker nog een extra bijdrage aan de duurzaamheid. Een belangrijke manier om dat te bereiken is drastische verhoging van het areaal peulvruchten, met name sojabonen.

Sojabonen hebben een hoog eiwitgehalte, bevatten de juiste aminozuren en het gewas kan stikstof uit de lucht fixeren, wat tot een lager gebruik van kunstmest leidt. Ook granen nemen in belang toe als eiwitbron.

Simon: “Dit onderzoek is nuttig om een stip op de horizon te zetten. Als je denkt aan veranderingen in het productiesysteem en de voeding, wat is dan de beste richting om meer duurzaamheid te bereiken? Wij willen niet zomaar ideeën aanreiken, maar kwantificeren wat het effect is van de maatregelen. Dan kunnen overheden beter onderbouwde beslissingen nemen voor een duurzame landbouw en een duurzaam voedselsysteem.”

Gerelateerd nieuws

Circulaire ambachtscentra en opvang asielzoekers: een win-win?

Ook de komende jaren zullen in gemeenten door het land heen opvanglocaties voor asielzoekers worden ingericht. Daarnaast zijn er veel statushouders die een woning krijgen. Al deze locaties hebben meubels nodig, die worden nu vaak nieuw ingekocht. En dat terwijl er in veel kringlopen en op milieustraten een overschot is aan tweedehands meubels en andere spullen. Een samenwerking met circulaire ambachtscentra ligt dus voor de hand, maar hoe regel je dat? Tom Wielart, teammanager Kringloop en Duurzaamheid bij Spaarne Werkt, legt uit hoe zij dat in de praktijk doen. Wielart: “Als meer partijen in Nederland op deze manier samenwerken, is het niet alleen goed voor de duurzaamheid. Je kan als organisatie ook echt verschil maken door de integratie van nieuwkomers eenvoudiger te maken.”

Extreme regen vraagt om meer bewustzijn en maatregelen tegen onveiligheid

Nederland moet zich beter voorbereiden op de onveiligheid die ontstaat door extreme regen. Door klimaatverandering valt er vaker, meer en langduriger regen. Hierdoor ontstaat een serieus veiligheidsvraagstuk: extreme regen kan de veiligheid van de woon- en leefomgeving aantasten, fysieke en mentale gezondheidsklachten veroorzaken en zelfs maatschappelijke ontwrichting tot gevolg hebben wanneer vitale infrastructuur uitvalt en belangrijke voorzieningen als ziekenhuizen onbereikbaar worden.

Regionale uitvoering van de Participatiewet sluit aan bij landelijke beweging

Gemeenten hebben in deze tijd te maken met verschillende uitdagingen op het vlak van de Participatiewet. In deze blogreeks bieden we aanknopingspunten voor een toekomstbestendige visie en strategie om deze uitdagingen aan te gaan.

Pleidooi voor een fundamentele herijking van de aanpak van discriminatie en racisme in Nederland

De Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme presenteerde onlangs een essay dat de kern raakt van een ongemakkelijke waarheid: Nederland spreekt al decennialang over gelijkheid, maar organiseert haar onvoldoende. De illusie van gelijkheid is een scherpe, analytische en tegelijk urgente oproep om het denken én handelen rond discriminatie en racisme fundamenteel te herzien.